Dit mag je best een Amsterdamse baan noemen, dat deden de eigenaars zelf ook. De renners en het publiek kwamen dan ook massaal via de Weesperzijde de brug over, dan naar links de Berkenstraat in en aan het einde daarvan doemde de VEKAbaan al op, al dan niet met lunapark. Er was plaats voor 7000 toeschouwers.

Vroeger stond er op die plek een boerderij met de naam Stadszicht. De baan lag op deze

Foto bij het bruggetje, en naar achter ter hoogte van het talud van de Randweg. Er is later nog een voetbalterrein geweest, van de club TAVENU.

VEKA is een afkorting van Gebroeders Veldkamp. Die hadden een timmerfabriek en bouwden de baan, ontworpen door architect Stuurman, dan ook zelf. De baan had een eigen kantoortje voor kaartverkoop in de Marnixstraat. Ze wisten ook wel dat ze het van Amsterdam moesten hebben, waar de Germaanbaan en het oude Stadion al verdwenen waren en alleen het Olympisch Stadion nog over was. Voor meer baanrennen moest je naar Zwanenburg of Heemstede, en later ook nog Assendelft en Badhoevedorp. Allemaal randgemeenten dus.

In september 1934 deed de Amsterdamse renner Joop de Wolff op de VEKA-baan een poging om het werelduurrecord te verbeteren. Hij strandde op een paar honderd meter. De Wolff zou in december van dat jaar op 25-jarige leeftijd overlijden aan een longontsteking, opgelopen tijdens de Amsterdamse Zesdaagse.

Het was een succesvolle baan, die zoveel mogelijk de Nederlandse en ook Europese toprenners liet rijden. Af en toe was er ook bondstoestemming voor stayerswedstrijden.

De gebroeders Veldkamp lieten de baan slopen na het seizoen 1940. De reden was dat de aandeelhouders vooral aannemers waren die met de schaarste het hout goed konden gebruiken.

Amsterdam-Duivendrecht, VEKA (1934-1940, Hout, 200m)


B 52.3344 L 4.9442

Foto 26-9-2012