De beschrijvingen in de kranten bevatten zelden straatnamen. Bij een café of een boer en iedereen wist wel waar dat was. Zo lag er vanaf 1932 een 220 meter lange grasbaan van TOG (Tot Ons Genoegen) 'op het land van den heer Egberts', bij Halte Seppe achter Café de Sport van C. Hellemons, maar TOG had vanaf 1924 ook een baan 'achter lokaal Adr. Heeren'. En die naam komt ook in 1932 weer terug.
Overigens komt de naam Heeren net als Hellemons veel vaker voor in deze streek. Er zijn minstens vijf renners geweest met de achtenaam Heeren. Cornelis en Willem Heeren maakten in de jaren twintig de grasbanen onveilig. Plaatselijk talent Janus Heeren stopte in 1937 omdat hij vast werk kreeg, bij de Etna in Breda, en er waren ook nog Nico en Christiaan. Niet allemaal uit Bosschenhoofd.
Behalve achter de Pastoor van Breugelstraat is bij de Mommersteeg en ook langs de Oude Antwerpsebaan aan de kant van vliegveld Seppe op oude luchtfoto's nog zo'n ovaal te zien. Allemaal mogelijkheden in het hart van grasbaanminnend Westbrabant.
In een vergadering met de NWB in 1926 staken de grasbaanexploitanten van Etten, St. Willebrord, Oud-Gastel, Bosschenhoofd, Oudenbosch en Roosendaal eindelijk de koppen bij elkaar om een einde te maken aan de wild-west van concurrerende wedstrijden en het daaruit volgende toenemende eisenpakket van zelfs amateurrenners, die buitensporige reiskostenvergoedingen konden vragen. Er kwam één kalender waarbij op de belangrijke dagen bij toerbeurt maar één baan een wedstrijddag had. In de praktijk betekende dat een wedstrijd per maand op elke baan.
B 51.569993 L 4.540710
Foto 1-6-2018