De Haagse topsprinter-in-wording Piet Moeskops kwam na het verdwijnen van de Scheveningse baan in de buurt wonen om te kunnen trainen. Dat was ook dichter bij Brussel, waar hij vaak reed. De echte lokale held was meervoudig amateurkampioen Toine Mazairac (1901-1966), die in 1929 in Zürich eindelijk een wereldtitel behaalde, een jaar later met de sport stopte en een succesvol autohandelaar werd. Helaas werd de fiets hem later toch fataal. Mazairac overleed door een val bij een veteranenwedstrijd in Dortmund.
In 1909 verkocht het bestuur de baan aan de weduwe Maas en werd er niet veel gefietst. Behalve het Nederlands Kampioenschap is er slechts één wedstrijd gehouden. Daarna hielden vooral de Rotterdamse Pedaalridders er clubwedstrijden, die ook wel door niet-leden werden bezocht. Het ging langzaam beter, ook omdat er in WO1 veel uitgeweken Belgische renners kwamen rijden. Begin 1922 zou de betonbaan met 70 meter worden verlengd, "zulks door achteruitplaatsing van een der bochten", vooral om voetbalclub DOSKO een groter veld te geven. Ook konden dan de motoren beter uit de voeten. In 1936 wilde de directie de baan sluiten omdat het slecht ging. Een nieuwe directie deed het daarna niet veel beter. De club met de naam De Raaijberg trainde zelfs al op de Scheldebaan.
In de oorlog is de baan nog af en toe open geweest. De eerste wedstrijd na de Bevrijding werd op tweede paasdag 1945 gehouden. Rond 1947 is op het naastgelegen sportpark Rozenoord begonnen aan de bouw van een nieuwe wielerbaan van 250 meter, die nooit is afgemaakt. Twéé aftakelende banen bleven nog jaren liggen.
B 51.482727 L 4.300358
Foto 27-9-2013